Posts tonen met het label krijt. Alle posts tonen
Posts tonen met het label krijt. Alle posts tonen

woensdag 24 oktober 2012

Herfst


Krijt is echt mijn favoriete medium. Het enige nadeel is dat het constant moet gefixeerd worden en daaraan gelinkt dat ik altijd vol hang. Doordat het zo’n poederig en los materiaal is, kan de tekening in een onoplettend ogenblik van het papier worden geveegd of geblazen, door de wind bijvoorbeeld. Omdat het vandaag, 24 oktober, zo’n uitzonderlijk zomerse dag is, heb ik tijdens een gestolen uurtje mijn krijtjesdoos en een groot niet opgespannen canvas genomen en me geïnstalleerd bij het schuurtje in de zon.
De bloempotten had ik gisteren allemaal geleegd en schoongeborsteld in de schuur gestapeld. De zon scheen binnen op het warme terracotta en het tafereeltje vroeg om vastgelegd te worden.

Voor het eerst tekende ik meteen met krijt op doek, geen schets in potlood of houtskool, meteen de kleuren, met de bus haarlak in aanslag om elke laag te fixeren tussendoor. Geen kwartier later stond de structuur op doek en zaten mijn handen en blote armen onder de aardetinten. De postbode had een pakje om persoonlijk af te geven, dienst Toerisme kwam iets vragen in verband met een wegwijzer in onze berm. Ik interpreteerde hun blik pas na een blik van mezelf op de spiegel. Ik ben altijd overtuigd dat ik mijn gezicht niet aangeraakt heb tijdens het tekenen maar de spiegel vertelde me het tegendeel.
Maar om het nu weer te hebben over de bloempotten. Ze symboliseren voor mij de herfst. De opgeruimdheid, de oogst binnen, de zon warm en bedaagd, het licht onovertroffen en de kleuren warm. Een maand die ruikt naar appels, houtvuur en kaneel.
Hoe kun je niet van de herfst houden?

vrijdag 21 september 2012

Cretaceous


Als potloodtekenen mijn Jura was dan zit ik nu in het Krijt.

Er is geen zachter medium mogelijk. Het is bijna boetseren in twee dimensies. En nu we het toch over boetseren hebben, dacht ik meteen aan mijn ‘discussie’ in de galerij. Ik had wat voorstudies liggen, wat een beetje een duur woord is voor schetsen op broodzakken, achterkanten van theatertickets of treintickets en binnenkanten van ontbijtgraandozen. Cowboys van Delaware, een zwemmer bij de Pont du Gare, dansers van Béjart, de kus van Rodin, het borstbeeld van Caligula, een engeltje uit Firenze. Woeste, krachtige of marmeren reisherinneringen en voornamelijk mannen. Die vragen niet om dunne, zachte potloodlijntjes in een schetsblokje maar om ruw papier op zeer groot formaat en pastelkrijt. Ik heb dozen vol kleur maar mijn voorkeur gaat naar zwart, wit, oker, sepia, sanguine, grijs en zwartbruin. Dit krijt
wordt van aardepigmenten gemaakt, wat me alweer dichter bij klei en dus boetseren brengt. Met deze zeven kleuren en mijn tien vingers heb ik met grote vegen het krijtstof in het papier gewreven. Het is een bijzonder waarmakende bezigheid om de poriën van een ruw blad papier laag per laag op te vullen met verpulverd krijt en er diepte en dynamiek in te realiseren door te starten met zwart – in sommige gevallen zelfs houtskool – en steeds lichter naar boven te komen tot de laatste laag, wit, die niets meer is dan het licht dat op het beeld valt.

Achteraf helpt alleen nog een douche want het krijt zit diep in mijn huidporiën, niet alleen van mijn handen maar overal waar ik met mijn handen aanzit. Heel confronterend te zien hoe vaak ik onbewust mijn gezicht en hals aanraak wanneer ik teken met krijt en houtskool. Maar die douche werkt purifiërend.  Het is afstand nemen, loslaten, de twee stappen achteruit zetten om te zien wat het geworden is.












Altijd wanneer ik met krijt werk, heb ik muziek in mijn hoofd, meer bepaald Willem Vermandere, met misschien wel het mooiste nummer ooit:

Rosy schilderde den hemel
met zo woeste meisjeshand
Eindeloos donkere diepe wolken
boven t grauwe polderland
En t schum met t rollend water
de zee die eeuwig ebt en vloed
Dat is de moeder die mie baarde
maar k wil hier weg
ik weet da'k moet

Rosy mengelde de verven
smeirde driftig purper en rood
doeken barstend van verlangen
t is hier al somber
t is hier al dood
Ze tekende wriemelende mensen
zwart in t krit op wit papier
vastgekronkeld leven en lijden
laat mie los k wil weg van hier

Rosy kind van zee en polders
met haar haar van goudgeel vlas
met heure prins ver weg getrokken
t scheen da ze tevreden was
ze tekende nu tierlantijntjes
ook heur gordijntjes waren knap
maar de verf en t groot verlangen
zat in ne koffer onder den trap

van einde en verre kwamen vrienden
Rosy kookte sjish kebab
met ravi schankar en me wierook
gleed den tied onmerkbaar rap
maar hoe onmerkbaar kwam de wrevel
t arme hoofd wierd zacht geveld
wat is t' er van min stoute dromen
wat is t' er van min jong geweld

zal ik weer de verve mengelen
voel ik nog die woeste hand
de prins is dan ook maar vertrokken
en zie bleef alleen in t vreemde land
ach mien kind ach vader ach moeder
min verlangen is zo groot
mor van zwerven en van zoeken
en van onmacht ga ik dood

ah t deert mie zo dakket moe zeggen
Rosy's hoofd da dee zo zeer
Rosy kind van zee en polders
lieve Rosy leeft nie meer
Aan t schum en t rollend water
Aan de zee die eeuwig ebt en vloed
aan de donkere diepe wolken
zeg ik Rosy wees gegroet